Nederlandse toppers op schema voor GP Beekse Bergen

Fem van Empel ontpopt zich tot de sensatie van het veldritseizoen. De nog maar 20-jarige Brabantse stapte drie jaar geleden van het voetbalveld om te gaan wielrennen. Nadat ze vorige winter al haar visitekaartje afgaf met twee WB-zeges, is ze nu heer en meester in de wereldbeker in het veld. Van Empel won zondag in Tsjechië haar derde opeenvolgende manche van de Coupe du Monde en staat in het bijbehorende klassement al een straatlengte voor. Bij de mannen is de Vlaming Eli Iserbyt al even succesvol, maar hij kreeg in Tabor flink weerwerk van Europees kampioen Lars van der Haar. Het publiek mag in de GP Beekse Bergen kortom op oranje succes rekenen.

Net als bij de wereldkampioenen op de weg Annemiek van Vleuten en Remco Evenepoel liggen de roots van Van Empel in het voetbal. Drie jaar geleden stond ze nog op het voetbalveld bij hoofdklasser RKSV Nuenen, maar ze vond niet alle teamgenoten fanatiek genoeg. ‘’Toen ik bij Nuenen ging voetballen, ben ik heel gedreven te werk gegaan, ik ging zelfs nog extra trainen op individuele basis om beter te worden. Op een gegeven moment merk je dat niet al je teamgenoten even fanatiek zijn. Dat je er niet allemaal even gedreven mee bezig bent. Dat ging me irriteren. Op zo’n moment krijg je dus niet echt loon naar werken in een teamsport. Op mijn eerste NK MTB werd ik derde bij de beloften. Toen ben ik voor het fietsen gegaan, ik houd er niet van om twee dingen half te doen. In haar eerste winter bij de beloften werd ze al wereldkampioene in Oostende.

Zondag kreeg Van Empel de zege bepaald niet cadeau. Haar leeftijdsgenoot Puck Pieterse maakte een sterk seizoen debuut in de wereldbeker veldrijden en Annemarie Worst liet opnieuw zien sterk uit de startblokken te zijn geschoten. Worst en Pieterse drongen flink aan, maar in de slotfase trok Van Empel de zege gedecideerd naar zich toe. ‘’De hele week heb ik me niet goed gevoeld door de jetlag na de reis uit de VS. Het enige wat ik vandaag kon doen, was volgen. Ik had het echt zwaar. De enige plek waar ik nog iets kon proberen, was de laatste klim: ik deed er een alles-of-nietspoging. De afdaling nadien was nog tricky, maar ik heb gezorgd dat ik daar niet te veel risico nam, ging nog eens vol aan in de materiaalpost, en zag toevallig op het scherm dat ik nog steeds een gaatje had. Toen kon ik stilaan beginnen met vieren.’’

Lars van der Haar was – na de winst van vorige winter – gebrand op nieuw succes in Tabor. Vanuit een achtervolgende groep probeerde hij de sprong naar de solo leidende Eli Iserbyt te maken. Hij kon de Belg niet van de derde WB-zege op rij houden, maar liet wel zien stilaan toe te zijn aan een eerste grote zege. Met het EK in Namen – waar hij zijn Europese titel verdedigt – en de GP Beekse Bergen – hij werd al eens Nederlands kampioen in Hilvarenbeek – komen er kansen aan voor hem.

Foto: Flanders Classics